• Hoeven
  • Oud Gastel
  • Bosschenhoofd
  • Basiliek Oudenbosch
  • Basiliek Oudenbosch
  • Oud Gastel
  • Bosschenhoofd
 
 




link naar de RSS Feed van de laatste nieuwsberichten meld deze pagina op Twitter meld deze pagina op Facebook

2e zondag van de Advent

zondag 6 december 2020

Overweging

Bezinning bij de lezingen

De woorden van de Doper liegen er niet om. We kunnen ons niet laten voorstaan op onze familie, op onze afkomst. Niet ons gedoopt zijn, ons katholiek zijn, is een garantie om aan de toorn te ontkomen. Echte bekering, echte verandering van levenswijze, moet zichtbaar worden in onze daden. Daar is geen ontkomen aan. Bekering is niet alleen iets innerlijks, ze heeft alles van doen met onze dagelijkse handel en wandel. De woorden van de Doper klinken hard. Ze willen ons niet bang maken. Ze zijn eerder een aansporing om werk te maken van onze bekering.

Er is veel duister in ons en om ons heen. Het lukt ons nog steeds niet om te delen van ons goed, van onze liefde. We leven heel vaak ik-gericht en zijn blind voor de ander. Het verdriet van mensen en van onze wereld wil niet bij ons binnendringen. We sluiten er ons voor af of we lopen er met een boog om heen. We hebben genoeg aan ons eigen leed.

De Doper wil onze ogen openen. Hij wijst ons op het licht. Het is niet ver weg: het kan gaan schijnen in ons leven, op de plaats waar we werken. Onze eigen concrete situatie is een oproep om het licht te laten schijnen. Het heeft altijd van doen met van harte delen en geven. Het heeft steeds te maken met de ander het licht en het leven gunnen.

Advent is: ons leven richten op een nieuwe toekomst, op nieuw leven. Het roept om verandering, om liefde. Het daagt uit om nieuwe wegen te gaan: wegen van licht en van respect voor eenieder. Ons leven wordt pas een stralend licht, als wij ons gedoopt weten met de geest van Jezus: een geest van vuur en liefde, van waarachtigheid en waarheid. Brengt dus vruchten voort, die passen bij bekering. Moge ons licht gaan stralen voor alle mensen van goede wil.

Auteur: pater Wim Holterman osfs

Eerste lezing

Jesaja 40, 1-5.9-11

Troost, troost toch mijn Stad, zegt uw God, spreek Jeruzalem moed in. Roep haar toe dat haar straftijd voorbij is, dat haar ongerechtigheid vergeven is, dat zij van Gods hand haar zonden dubbel betaald heeft gekregen. Een stem roept: ‘Baan de Heer een weg in de steppe, effen voor onze God een heerbaan in de woestijn, elk dal moet gevuld, elke berg en heuvel geslecht worden, alle oneffenheden moeten vlak, de rotsmassa's een vallei worden. En verschijnen zal de glorie des Heren en alle vlees zal daarvan getuige zijn: De mond des Heren heeft het gezegd! Beklim de hoogste berg, gij Sion, vreugde-bode, verhef krachtig uw stem, Jeruzalem, vreugde-gezant: Verkondig het luide, ken geen vrees, roep tot de steden van Juda: ‘Uw God is op komst! Zie, God de Heer komt met kracht, zijn arm voert de heerschappij, zijn loon komt met Hem mee, zijn beloning gaat voor Hem uit. Als een herder zal Hij zijn schapen weiden, in zijn armen ze samenbrengen, de lammeren dragen tegen zijn boezem, de schapen met zachte hand geleiden.’

Epistellezing

2 Petrus 3, 8-14

Vrienden, één ding mag u niet ontgaan: voor de Heer is één dag als duizend jaren en duizend jaren als één dag. De Heer talmt niet met zijn belofte zoals sommigen menen, maar Hij heeft geduld met u daar Hij wil dat allen tot inkeer komen en dat niemand verloren gaat. Maar de dag des Heren zal komen als een dief. Dan zullen de hemelen dreunend vergaan en de elementen zullen door vuur worden verteerd, en de aarde en de daden op aarde verricht zullen zich bevinden voor Gods oordeel. Wanneer alles zo vergaat, hoe moet gij dan uitmunten door een heilig leven, enige vroomheid, de komst verwachtend en verhaastend van de dag Gods, waardoor de hemelen in vlammen zullen opgaan en de elementen zullen wegsmelten in de vuurgloed. Maar volgens zijn belofte verwachten wij nieuwe hemelen en een nieuwe aarde, waar gerechtigheid zal wonen. In deze verwachting, geliefden, moet gij u beijveren onbevlekt en onberispelijk voor Hem te verschijnen, in vrede met God.

Evangelielezing

Marcus, 1, 1-8

Begin van de Blijde Boodschap van Jezus Christus, de Zoon van God. Zoals er geschreven staat bij de profeet Jesaja: Zie, ik zend mijn bode voor u uit die voor u de weg zal banen, een stem van iemand die roept in de woestijn: Bereidt de weg van de Heer, maakt zijn paden recht. Zo trad Johannes op in de woestijn en doopte. Hij preekte een doopsel van bekering tot vergiffenis van de zonden. Heel de landstreek Judea en alle inwoners van Jeruzalem trokken naar hem uit en lieten zich door hem dopen in de rivier de Jordaan, terwijl zij hun zonden beleden. Johannes ging gekleed in kameelhaar met een leren gordel om zijn lendenen, hij at sprinkhanen en wilde honing. Hij predikte: ‘Na mij komt die sterker is dan ik en ik ben niet waardig mij te bukken en de riem van zijn sandalen los te maken. Ik heb u gedoopt met water maar Hij zal u dopen met de heilige Geest.’

 

God in fragmenten

1 Koningen 17, 17-24

Gezien worden


 

Postbus 174, 4730 AD Oudenbosch • Markt 59, 4731 HN Oudenbosch • (0165) 330 502 • info@bernardusparochie.nl      Website gerealiseerd door iMoose